home muziek besprekingen film besprekingen concert besprekingen evenementen sites forum nieuws zoeken
Timeline


Regie: Richard Donner
Scenario: Jeff Maguire, George Nolfi
Met: Paul Walker, Frances O’Connor, Gerard Butler, Billy Connely, David Thewlis e.a.
116 min. / USA / Alle leeftijden / 2003

Ik hou niet van de boeken van Michael Chrichton – ik heb er ooit drie gelezen, en bij alledrie kreeg ik het gevoel dat de man continu excuses zocht voor het feit dat hij een ordinair science fiction- of actieverhaaltje aan het vertellen was. Hij stouwt de eerste aktes van z’n verhalen steevast vol met wiskundige formules, spitstechnologische uitvindingen en verklaringen, chemische mumbo-jumbo, computertovenarij en weet ik veel wat allemaal, enkel om een verantwoording te vinden voor het uitgangspunt van z’n plot: dat de dinosaurussen terug tot leven kunnen komen, dat er een hyperintelligente aap gekweekt kan worden, of, zoals hier, dat tijdreizen mogelijk zijn. Terwijl een goed verhalenverteller geen excuses nodig heeft en al zeker geen lang uitgerokken rationaliserigen waarmee hij z’n publiek toch alleen maar verveelt.

Regisseur Richard Donner (eerder verantwoordelijk voor onder andere de ‘Lethal Weapon’-reeks) maakte van Chrichtons boek ‘Timeline’ een nogal suffe mélange van science fiction, actie en thriller. Een typische Hollywoodproductie, in de zin dat het allemaal bijzonder professioneel in elkaar gestoken is, maar dat het je uiteindelijk ook Siberisch koud laat.

Paul Walker, ster van ‘The Fast and the Furious’, speelt Chris Johnston, de zoon van een gereputeerd archeoloog (Billy Connely). Chris is op bezoek bij de opgravingen van een Middeleeuws Frans kasteel waar ooit een belangrijke slag in de Honderdjarige Oorlog werd uitgevochten, wanneer zijn vader wordt weggeroepen om te helpen in een geheim project van de Amerikaanse overheid. Niet zoveel later vinden twee assistenten van Connely in een ondergrondse ruimte van het oude kasteel een authentiek 14de eeuws stuk papier. Daarop staat, in Middeleeuwse inkt maar in het handschrift van de professor, een kreet om hulp geschreven. Vlakbij het papier vinden ze bovendien een lens uit de bril van de professor.

Chris en de assistenten van zijn vader trekken terug naar de VS om een uitleg te eisen over de verdwijning van Connely, en krijgen te horen dat hij als expert terug naar de 14de eeuw werd geflitst met de tijdmachine die wetenschappers in dienst van de regering louter toevallig hebben uitgevonden. Connely kon niet op tijd worden teruggehaald uit het verleden en nu – hoe raadt u het? – moeten Chris en zijn vrienden zelf teruggaan naar het Frankrijk van 1357 om de klus te klaren.

De verklaring van het tijdreizen wordt in de film snel afgeraffeld, als een verplicht nummertje waar we nu eenmaal doorheen moeten. Er worden wormgaten, moleculaire afbraak en opbouw en vreemdsoortige transmittors bijgesleurd om aan de in essentie onzinnige premisse toch een air van wetenschappelijkheid te geven – het blijft natuurlijk even grote nonsens, maar dan wel nonsens met een universitaire graad. Die krampachtige poging om ons ervan te overtuigen dat dit allemaal misschien best wel eens mogelijk zou kunnen zijn, kan echter niet verhinderen dat het eigenlijke tijdreizen er behoorlijk lullig uitziet. De hoofdpersonages worden opgedirkt in gepaste kledij, om vervolgens plaats te nemen in een door spiegels omzoomde kamer. Een fel licht begint te schijnen, rook vult de kamer en weg zijn ze – krék Suske en Wiske. Ik zat letterlijk te wachten op een shot van onze helden die de grenzen van tijd ruimte overschrijden tegen de achtergrond van een duistere sterrenhemel. Leuk detail: voor ze vertrekken, waarschuwt de leidinggevende fysicus hen dat het tijdreizen een korte, maar hevige pijn kan veroorzaken. Wat voor de acteurs schijnbaar een aanleiding is om op het gepaste moment krampachtige smoelen te trekken alsof ze William Shatner willen imiteren die aan warp-speed door de ruimte sjeest. Als dat pijn moet voorstellen, dan kan ik enkel tot de conclusie komen dat de acteurs in kwestie nog nooit pijn gevoeld hebben. Knap van hen.

Dat alles neemt niet weg dat ‘Timeline’, zoals gezegd, wel vakkundig in elkaar geknutseld is – de middeleeuwse settings zien er behoorlijk overtuigend uit, Richard Donner is geen geweldig regisseur maar hij kàn een actiescène in beeld zetten, en eenvoudigweg de vrolijke stompzinnigheid van het hele gegeven kan al voldoende zijn om een glimlach op de lippen te brengen. Dit is Hollywoodcrap par excellence, die overal de door de tijd geteste conventies volgt. Zo spreekt in Frankrijk anno 1357 uiteraard iedereen Engels, krijgt de vrouw in het gezelschap de eerste kans om een heldendaad te verrichten en is er ééntje van de tijdreizigers die een lief opscharrelt en begint te twijfelen of hij nog wel terug naar huis wil keren. Zo gaat dat nu eenmaal. Je kunt al die elementen als negatieve punten gaan aanvoeren, maar ja, dat zijn nu eenmaal de regels van het genre. Wat had u dan anders verwacht?

Dat is goed voor ongeveer een uur. Daarna, echter, beginnen de problemen die er vanaf het begin al inzaten, er steeds duidelijker doorheen te schijnen. Zo kan Paul Walker nog steeds niet acteren (zou hij aan ‘The Fast and the Furious’ niet genoeg hebben overgehouden om eindelijk eens naar een toneelschool te gaan?), en gedragen de personages zich soms op hemeltergend onlogische manieren, enkel om de plot aan de gang te houden. Eén van de tijdreizigers smokkelt een granaat mee naar het verleden. Wanneer hij gewond raakt en zichzelf terug naar huis laat flitsen, laat hij in de spiegelkamer die granaat uit z’n handen vallen. De resulterende schade aan de tijdmachine zorgt ervoor dat het opeens niet meer zeker is dat de anderen nog wel naar huis zullen raken. Waarom had die kerel die granaat bij? Geen enkele reden, behalve dan het toevoegen van een extra element aan het verhaal.

‘Timeline’ is leuk voor een uur, zolang het nog nieuw is. Daarna heb je het wel zo’n beetje gezien. De climactische strijd tussen de Fransen en de Britten wordt nodeloos uitgerokken tot dertig minuten, en bevat met al dat geen spatje suspense. Het einde zag u al van bij de beginaftiteling aankomen (d’uh) en de geforceerde links tussen heden en verleden die er worden gelegd, zijn zo voor de hand liggend dat je de acteurs af en toe een ferme mep wilt verkopen. Zo beklaagt archeologe Frances O’Connor zich er aan het begin van de film over dat een muurschildering werd beschadigd – “Wie zou ooit zoiets durven doen? In ieder geval geen archeoloog,” horen we haar zeggen. Wat denkt u? Zou zij het zelf misschien zijn die de schade toebrengt in het verleden? Nou? Kijk, en dàt is dus het punt waarop je een film ronduit suf mag noemen. Ik prefereer m’n tijdmachines nog altijd ingebouwd in een DeLorean, dankuwel.

http://www.timelinemovie.com/home.html?c=&pg=0

Door Dennis Van Dessel 07/04/2004 - categorie : movie - Afdrukken

verstuur dit artikel aan een vriend    Share on Facebook

 Lees de reacties (1) van anderen of geef uw mening

Blader in ons volledig archief
Film van de week

The Killer Inside Me
American nightmare
Featured
The Killer Inside Me
American nightmare
Du Rififi Chez les Hommes (Rififi)
De opa van de heist movies
The Sorcerer's Apprentice
Te weinig Fantasia
It Happened Here
Mentioning the war
The Battle of Algiers (La Battaglia di Algeri)
The war on terror: the prequel
© Copyright Digg*    Contact*    Redactie*    About Digg*    Privacy*    Adverteren*    Webdesign* by T-kila...
eXTReMe Tracker
cached on 03.09.2010 11:39:43  Page generated in 0.3948 seconds.