
Regie: Frédéric Schoendoerffer Scenario: Yann Brion, Jean Cosmos, Olivier Douyère, Frédéric Schoendoerffer, Ludovic Schoendoerffer Met: Vincent Cassel, Monica Bellucci, André Dussollier, Charles Berling, Sergio Peris-Mencheta e.a. 110 min. / F / Alle leeftijden / 2004 Vandaag in de bioscoop, morgen in de vergetelheid: ‘Agents Secrets’ is na ‘Irréversible’ de tweede film waarin real life-koppel Vincent Cassel en Monica Bellucci samen te zien zijn, en kan waarschijnlijk het best gecategoriseerd worden onder trefwoorden als daar zijn: ‘strontvervelend’, ‘hemeltergend’, ‘hersenverlammend’, ‘zinloos’, ‘slaapverwekkend’ en ‘zelfmoordneigingverwekkend’. Of eenvoudiger gezegd: ik vond hem niet goed. Cassel speelt Brisseau, Bellucci is Lisa, en beiden werken ze voor de Franse geheime dienst. Ze krijgen de opdracht om voor de Marokkaanse kust een schip de lucht in te blazen, dat toebehoort aan Igor Lipovsky, een malafide Russische zakenman die wapens verhandelt aan Angolese rebellen. De Franse overheid ziet dat handeltje schijnbaar niet erg zitten en wilt Lipovsky een waarschuwing sturen. De opdracht verloopt zoals gepland, het schip explodeert, maar het is wanneer de geheime agenten opnieuw naar huis willen gaan, dat de problemen pas echt beginnen: Lisa wordt gearresteerd aan de Zwitserse grens met heroïne op zak en één van de technische mannetjes die het koppel bijstond tijdens de missie, wordt op een brutale manier afgemaakt. Brisseau staat er nu alleen voor om te weten te komen wie er vriend en vijand is en hoe hij zijn wederhelft uit de nor kan krijgen. Dat alles klinkt relatief boeiend – het is in ieder geval niet moeilijk om jezelf met die plot een halfweg decente spionagethriller voor te stellen. Maar dat is dan buiten de regie van Frédéric Schoendoerffer gerekend, die er op bezien is om elk greintje spanning, actie, humor of emotie vakkundig uit de film weg te gommen. Het begint nochtans vrij aardig, met een auto-achtervolging die nu niet bepaald uitblinkt door originaliteit, maar die in ieder geval onderhoudend is. Elke keer wanneer ik moordenaars uit het open raampje van de passagierskant van een wagen zie leunen om een wegvluchtende auto te beschieten, moet ik onwillekeurig terugdenken aan bepaalde scènes uit ‘Austin Powers’, maar bon, dat nog tot daaraan toe. Veel erger is echter dat het na die eerste vijf minuten ook wel afgelopen is wat de actie betreft. Vervolgens krijgen we letterlijk in de hele film geen énkele actiescène meer die ergens toe leidt. Tot driemaal toe onderneemt Schoendoerffer een poging en laat hij zijn personages in de aanloop naar een chase scene verzeilen, enkel om op het laatste moment van gedachte te veranderen en de actie toch maar over te slaan. Neem nu een auto-achtervolging in de tweede helft van de film: Cassel heeft net het dode lichaam van een collega ontdekt, ziet de auto van de moordenaar wegrijden, houdt een wagen tegen, springt erin en gaat erachteraan. Leuk, denk je dan, we zijn vertrokken voor een lange chase. Maar nee, niks ervan. De hele scène duurt namelijk nog geen minuut – Cassel zit nauwelijks in die auto of hij moet de achtervolging alweer stopzetten. Het lijkt wel alsof Schoendoerffer enkel het begin en einde van de actiescène heeft genomen, en al wat daartussen zat heeft verwijderd. De dialogen zijn al even spaarzaam als de actiesequensen. De personages in ‘Agents Secrets’ spreken enkel om het publiek informatie te geven over de plot – een spontane regel tekst valt er niet in terug te vinden. Geen wonder dan ook, dat het tussen Cassel en Bellucci op geen enkel moment spettert. Dat zijn dan twee mensen die écht op elkaar verliefd zijn, niet enkel in de film, maar toch willen er maar geen vonkjes verschijnen. Beide acteurs staan er hier bij als sanseveria’s die te lang geen water hebben gekregen, en ze denken zichtbaar aan ofwel: a) het geld dat ze voor dit onding zullen opstrijken; b) de volgende film waar ze gaan in meespelen en die wél de moeite is; c) of ze nu vanmorgen niet vergeten zijn de koffiezet uit te schakelen en het gas uit te draaien. Het valt me moeilijk om die onbetrokkenheid van de acteurs, hun levensloosheid, rechtstreeks aan henzelf te wijten. Je zult maar eens een scenario krijgen dat je zo weinig geeft om mee te werken. ‘Agents Secrets’ sleept zich met een onvoorstelbare traagheid van éne lamlendige scène naar de andere, zonder dat er ook maar iets noemenswaardigs gebeurt. Ik zal in deze ‘Charlie’s Angels’-tijden wel de laatste zijn om te klagen dat een film te wéinig actie bevat, maar een spionagefilm is het wel aan z’n publiek verschuldigd om een minimum aan suspense te bevatten, en zelfs dat valt hier niet terug te vinden. Het resultaat is een verveling zoals ik die niet meer gevoeld heb sinds... Laat ons zeggen sinds ‘Blueberry’, het laatste misbaksel met Cassel. Komt daar nog bij dat Schoendoerffer niet vies is van een belachelijk ijdelheidsshot op tijd en stond – waar is het voor nodig om met dat openingsshot te beginnen in de ruimte? Waarom moet die camera door de voorruit van een wagen heen sjezen? Shots die misschien zouden kunnen in een actiefilm waarin dat soort van momentjes nu eenmaal de rigeur zijn, maar die hier, tenmidde van de belegen, saaie troep die de regisseur er voor het overige van maakt, zwaar uit de toon vallen. De kans dat ‘Agents Secrets’ veel volk zal lokken lijkt mij bijzonder klein. En terecht, want buiten een paar verstokte francofielen (van het soort die in de Brusselse Kinepolis erop staan om alleen maar de Frans gedubde versies van films te zien), kan ik mij niet voorstellen wie in godsnaam zit te wachten op deze vreselijke ‘Mission: Impossible’-wannabe. Dit onding zouden ze verplicht moeten programmeren bij zelfhulpgroepjes voor slapelozen. En op cursussen voor aanstormende filmrecensenten – naar dit soort van onuitstaanbare troep moet je dus óók kijken. Dat u niet denkt dat het allemaal rozengeur en manenschijn is. http://www.tfmdistribution.fr/agentssecrets/
Door Dennis Van Dessel 30/03/2004 - categorie : movie - 
verstuur dit artikel aan een vriend    Share on Facebook
 Lees de reacties (1) van anderen of geef uw mening
|