
Regie: Oliver Stone Scenario: Oliver Stone, Ron Kovic Met: Tom Cruise, Willem Dafoe, Frank Whaley, Kyra Sedgwick, Raymond J. Barry, Caroline Kava e.a. 138 min. / USA / 16 jaar / 1989 Toen enkele weken geleden George W. (W. voor “war for peace”) Bush een bezoek bracht aan Engeland, kon u in de meeste kranten een foto vinden van een oudere man in een rolstoel voor 10 Downing Street. De man hield een pamflet omhoog tegen de coalitie tussen de VS en Groot-Britannië. Zijn naam was Ron Kovic, een Vietnamveteraan, die in de jaren zestig als jongeman vol idealisme en patriottisme naar Azië vertrok om de dreiging van het communisme te bestrijden. Na drie jaar in de brousse te hebben doorgebracht, werd hij neergeschoten en raakte hij vanaf zijn middel verlamd. Bij zijn thuiskomst werd hij eerst maandenlang in een hels ziekenhuis ondergebracht, en vervolgens vrijgelaten in een land dat hem niet, zoals beloofd, als een held beschouwde. Langzaam maar zeker begonnen zijn meningen over de regering en de oorlog te veranderen, tot hij één van de meest gerespecteerde en welbespraakte anti-oorlogdemonstranten van het land werd. Nadat regisseur Oliver Stone zijn eigen Vietnamtrauma van zich af filmde met ‘Platoon’, gebruikte hij Kovics ervaringen om het tweede deel te maken van wat uiteindelijk zijn Vietnam-trilogie zou worden: ‘Born On The Fourth Of July’. Die trilogie is in de eerste plaats opmerkelijk, aangezien elk deel ook iets essentieels toevoegt dat we in de vorige delen niet gezien hadden, het is niet dezelfde film drie keer herhaald, maar dan met kleine veranderingen. ‘Platoon’ bekijkt de ervaringen van de Amerikaanse soldaat in de jungle. ‘Born On The Fourth Of July’ de trauma’s die zo’n soldaat eraan overhoudt, eens hij weer thuis is. En ‘Heaven and Earth’ onderneemt een poging om het conflict door de ogen van de nominale vijand te bekijken. Ook al beschouw je die laatste film als een mislukking – niet onterecht, trouwens – Stone’s werk blijft tot het meest relevante behoren dat we over dit onderwerp al hebben te zien gekregen, met inbegrip van documentaires en literatuur. ‘Born...’ wordt bovendien op een verrassende manier ingevuld door Stone – normaal gezien is hij een rabiaat politiek filmmaker, die zich niet altijd even comfortabel voelt met emoties, maar hier verschuift hij de politieke retoriek naar het zijplan om juist de emoties de overhand te laten voeren. Natuurlijk zit er hevige maatschappijkritiek in de film, wat had u dan gedacht? Maar die is nu eenmaal eigen aan het verhaal, en wordt in de eerste plaats aangetoond via de persoonlijke ervaringen van het hoofdpersonage. Daarbij wordt hij in de eerste plaats geholpen door zijn hoofdacteur Tom Cruise, die hier een tour de force levert waar de hele wereld van opschrok. De tandpasta-glimlach uit ‘Top Gun’ draaide hier willens en wetens zijn hele imago ondersteboven, speelt een fysiek en mentaal zwaargehavend man en slaagt er gaandeweg in om elke herinnering aan z’n vorige rollen weg te vegen. Een scène aan het eind, waarin hij de familie van een gesneuvelde collega-soldaat bezoekt, getuigt van grote klasse. Net als in ‘Platoon’, is het een vaak pijnlijke ervaring om te zien hoe jong idealisme wordt gecorrumpeerd tot desillusie en bitterheid. We ontmoeten Ron Kovic voor het eerst als een scholier, die wordt opgevoed in de typische Amerikaanse winner-mentaliteit – een atleet, die door zijn familie en coach wordt aangemaand om toch maar de beste te zijn. Overwinnen, de sterkste zijn, dat is wat telt. Een vroege scène, waarin Kovic een worstelmatch verliest, is veelzeggend. We krijgen slow motionbeelden te zien van de teleurstelling op de gezichten van zijn ouders en vriendinnetje. Teleurstelling die grenst aan walging. En voor mensen zoals Kovics ouders, verandert die mentaliteit eigenlijk nooit, ook niet wanneer hij thuiskomt in een rolstoel. Emoties dienen onderdrukt te worden - gehandicapt of niet, je hebt niet het recht om te gaan twijfelen aan God of de overheid. Na Vietnam komt Kovic terecht in een omgeving die plots volslagen absurd lijkt, en die niet weet hoe ze hem moet opvangen. Tijdens één van de sterkste scènes in de film, komt hij dronken thuis en begint hij zichzelf huilend te beklagen: ‘There’s no God. There’s just me and my dead penis.’ Oké, dat is enigszins pathetisch, maar lang niet zo zielig als het antwoord van zijn moeder: een gefrustreerd uitgeschreeuwd: ‘Don’t say penis in this house!’ Een repliek die grappig zou zijn als ze niet zo beangstigend en triest was. Niet voor de eerste of laatste keer, toont Oliver Stone de hypocrisie aan van een samenleving die geen enkel probleem heeft met een “gerechtvaardige oorlog”, maar waar je geen stoute woorden mag gebruiken of seks hebben. Om u maar te zeggen dat de regering Bush die stand van zaken niet heeft uitgevonden. Stone is goed met dit soort van onderwerpen, hij kent de emoties die de grondslag van het verhaal vormen, en weet er een film van 138 minuten van te maken, die geen seconde te lang aanvoelt. Het zou nog tot ‘JFK’ duren voordat hij gebruik ging maken van verschillende filmstocks en het afwisselen tussen kleur en zwart-wit, maar de visuele structuur van ‘Born...’ is op een bepaalde manier doordachter dan het meer opvallende, flashy werk dat hij later zou afleveren (hoe goed dat ook was). Het eerste deel van de film, tot en met Kovics verblijf in Vietnam, wordt gedomineerd door rode tinten. Eens hij in het ziekenhuis ligt, krijgen we overvloedig wit te zien. En daarna, terug thuis, primeert de kleur blauw. Red, white and blue. Oliver Stone’s films worden dikwijls geleid door een gevoel van woede – ‘JFK’, ‘Natural Born Killers’, ‘Any Given Sunday’. Zijn Vietnamfilms, daarentegen, die zich nochtans zó goed zouden lenen tot dergelijke cinema, tot films waar de agressie en nijdigheid van afspatten, zijn doordrongen van een intentse triestheid. Een gevoel van verlies. Verloren onschuld, verloren levens. De clou van ‘Platoon’ was niet het brute geweld van het finale slagveld, maar de strijkmuziek die we hoorden terwijl Willem Dafoe stierf. En net zo, schuilt het hart van ‘Born On The Fourth Of July’ niet in de woedende speeches die Cruise op het einde mag afsteken, maar in zijn gefluisterde bekentenis aan de ouders van een dode soldaat. ‘Born On The Fourth Of July’ is een belangrijke, waanzinnig knap gemaakte, en bovenal oprechte film.
Door Dennis Van Dessel 05/02/2004 - categorie : movie - 
verstuur dit artikel aan een vriend    Share on Facebook
 Lees de reacties (1) van anderen of geef uw mening
|