
Regie: Ridley Scott Scenario: Brian Helgeland Met: Russell Crowe, Cate Blanchett, Oscar Isaac, Mark Strong, William Hurt, Danny Huston e.a. 141 min. / USA / 2010
Voor Digg*ers van: 'Gladiator', 'Kingdom of Heaven' en het eerste half uur van 'Saving Private Ryan'
Noem me gerust een softie, maar ik zal altijd een boontje apart bewaren voor ‘Robin Hood: Prince of Thieves', de über-foute nineties classic, waarin Kevin Costner met een groene maillot, een nekdekentje en een vet Texaans accent de Britse volksheld gestalte mocht geven. Objectief gezien was die versie maar weinig om over naar huis te schrijven: het verhaaltje was flauw, Kevin Costner was misschien het grootste staaltje miscasting sinds Dick Van Dyke een Cockney moest spelen in ‘Mary Poppins' en op de aftiteling werd Bryan Adams toegelaten om zijn vervloekt keelgat open te sperren (you know it's true... everything I do... I do it for youuuu). En toch was ik destijds helemaal mee met dat verhaal, ongetwijfeld ook omdat ik te jong was om beter te weten. De film had vaart, hij had Alan Rickman en bovenal: hij was fun. De acteurs hadden zichtbaar genoegen in de stunts die ze mochten doen en de toon was luchtig - het was uiteindelijk allemaal maar om te lachen. Dat was toen, dit is nu. Nu is het 2010, en de nieuwe versie van ‘Robin Hood' komt van de tandem Ridley Scott - Russell Crowe, wat wel zo'n beetje garandeert dat deze hervertelling alles behalve luchtig of fun zal worden. Plezier is grotendeels verbannen uit de actiecinema tegenwoordig (check ook de bloedserieuze toon van de meeste comic book-verfilmingen van de laatste jaren), alsof somberheid en troosteloosheid op zichzelf een kenmerk van kwaliteit zijn. Zoals het hoort volgens die mentaliteit, is ook deze nieuwe ‘Robin Hood' een grimmige bedoening, opgetrokken uit modder en bloed. Wat nog niet noodzakelijk betekent dat het een slechte film is, maar jeez, people, where did all the good times go? Scott en scenarist Brian Helgeland proberen het sérieux van hun productie op te krikken door de legende van Robin Hood te linken aan verschillende historische gebeurtenissen en mijlpalen, inclusief de kruistochten, de eeuwenlange conflicten tussen Engeland en Frankrijk en de Magna Carta. Sommige van die historische feiten kloppen, de meeste ervan hebben van veraf wel iets te maken met de realiteit, zo lang je er maar niet te nauw naar kijkt, en nog een aantal anderen zijn gewoon geheel uit eigen duim gezogen. Zo begint Robin het leven als boogschutter in het leger van koning Richard Lionheart (gespeeld door een geweldige Danny Huston). Nadat Richard sneuvelt tijdens de belegering van een Frans kasteel (een potje plunderen op de terugweg van de kruistochten, u weet hoe dat gaat), keert Robin terug naar Engeland, waar Richards jonge en zwakke broer John (Oscar Isaac) de troon bestijgt. Geen goed idee: terwijl John met zijn veel jongere echtgenote rotzooit en de adel koeioneert met buitenissige belastingen, ziet de verraderlijke Godfrey (Mark Strong) zijn kans schoon om een invasie van de Fransen te organiseren. En zo zijn we vertrokken voor een historisch epos dat zich nog het best laat omschrijven als "Gladiator in de bossen van Engeland". Er is misschien geen enkele levende regisseur die dit soort cinema met meer aplomb neerzet dan Ridley Scott - had hij films gemaakt in de jaren vijftig of zestig, dan zou hij waarschijnlijk niks anders hebben gedaan dan ‘Ben Hurs' en ‘Spartacussen' maken - dus uiteraard kletteren de zwaarden alweer oorverdovend, krijgen we enkele indrukwekkende actiescènes en komt het set design alweer overtuigend groezelig over. Wanneer Robin door Maid Marion (Cate Blanchett) verplicht wordt om bij de honden te slapen, kun je bijna ruiken hoe hard hij stinkt. Zelfs de kamer van een landheer is vergeven van de ratten en we komen te weten wat een gedoe het is om een maliënkolder uit te trekken om een bad te nemen. Net als in ‘Gladiator' en ‘Kingdom of Heaven' is Scott alweer gefascineerd door de fysieke realiteit van een wereld waarin mensen van 40 als stokoud werden beschouwd, en brengt hij die wereld haast voelbaar tot leven. In plaats van genoegen te nemen met de ouderwetse fantasieversie van ‘Robin Hood', mikken Scott en Helgeland dus duidelijk op een gevoel van authenticiteit. Zelfs de marketingcampagne, die ons the true story behind the legend belooft, is daarop afgestemd, hoewel je je kunt afvragen wélk waar verhaal, aangezien er sowieso nooit een Robin Hood heeft bestaan. In hun drang om toch maar geloofwaardig te zijn door de legende te verankeren in de geschiedenis, bereiken de filmmakers twee dingen: de sombere toon die zo alomtegenwoordig is geworden in actiecinema, en een behoorlijke dosis bombast. Scott is nooit wat je noemt een minimalistische regisseur geweest, en ook hier krijgen we modder die in slow motion opspat, bijlen die zich knus nestelen in de hersenschors van een niets vermoedende Fransman, en zelfs een uitgebreide finale, die zich laat bekijken als een 12de-eeuwse versie van ‘Saving Private Ryan'. Niet dat ik daar per sé over wil klagen: bombast is onderhoudend. Het is een haast feilloze manier om je publiek geboeid te houden, zij het niet noodzakelijk de meest intelligente. ‘Robin Hood' is dan ook een film die zich op een oppervlakkig niveau best laat bekijken, in de zin dat hij niet saai is en bevolkt wordt door charismatische acteurs. Het probleem zit ‘m vooral in het scenario. De plot is all over the place, met verschillende verhaallijnen die te veel tijd nodig hebben om samen te komen in een samenhangend geheel. De motivaties van de personages zijn vaak nogal wazig (wat is nu precies de reden waarom Godfrey Engeland wil laten veroveren door de Fransen?) en ook de timing van de humoristische momenten is niet altijd even gelukkig. Zo is het niet duidelijk of Prince John nu bedoeld is als reële schurk of als schertsfiguur - het ene moment staat hij te klungelen op het slagveld ("hoe, hebben we al gewonnen?") en het volgende worden we verondersteld hem serieus te nemen wanneer hij Robin Hood luidkeels tot outlaw uitroept. Ondertussen zijn bepaalde bijrollen, zoals die van William Hurt als een adviseur van de koning, pijnlijk onderontwikkeld. Nu ik dit schrijf, besef ik zelf dat deze recensie eigenlijk inwisselbaar is met quasi elke bespreking van elke grote blockbuster van de laatste paar jaar: een zwak scenario dat professioneel verfilmd werd, levert een half geslaagde prent op die je voor de lol best één keer kunt gaan bekijken, enkel om hem daarna weer te vergeten. Zegt dat veel over het niveau van de gemiddelde Amerikaanse actiefilm, of over mijn besprekingen? Hoe het ook zij, ‘Robin Hood' is onderhoudend maar zelden memorabel werk, dat vooral doet terugverlangen naar het niveau dat Scott en Crowe haalden in ‘American Gangster'.
Door Dennis Van Dessel 19/05/2010 - categorie : movie - 
verstuur dit artikel aan een vriend    Share on Facebook
 Lees de reacties (10) van anderen of geef uw mening
|