
Regie: Rob Marshall Scenario: Michael Tolkin, Anthony Minghella Met: Daniel Day-Lewis, Marion Cotillard, Penelope Cruz, Judi Dench, Kate Hudson, Sophia Loren, Fergie, Nicole Kidman e.a. 128 min. / USA / 2009 Voor Digg*ers van: ‘Chicago', ‘The Phantom of the Opera' en het verzameld werk van Natalia Je moet ze steeds meer met een vergrootglas gaan zoeken, maar er zijn nog altijd een aantal redenen waarom Belgen trots mogen zijn op het land waarin ze wonen. En één daarvan is zonder twijfel deze: wij hebben geen musicalcultuur. Een aantal van de grote kleppers, zoals ‘The Phantom of the Opera', ‘Les Misérables' en ‘The Sound of Music', sijpelt wel door tot bij ons, en Studio 100 heeft in de kindermusical een zoveelste manier gevonden om onze koters al van in de wieg om te vormen tot kleine consumentjes met een identieke smaak, maar geloof me vrij: het ergste is ons nog bespaard gebleven. Wist je bijvoorbeeld dat er ooit een musical is gemaakt naar het boek ‘Lolita'? Of nog erger: over het leven van Anne Frank? Yup, er is blijkbaar geen enkele historische gebeurtenis, literaire bron of film die voldoende respect verdient om gespaard te blijven van een glossy make-over vol vlot mee te kwelen muzieknummers. Begin jaren tachtig moest ook Frederico Fellini's meesterwerk ‘8 ½' eraan geloven, toen Arthur Kopit en Maury Yeston de musical ‘Nine' schreven, een losse herwerking van de originele film. Het resultaat werd bekroond met enkele Tony's, maar daarna slechts zelden heropgevoerd. Tot nu. Rob Marshall, die in 2002 al een degelijke, zij het weinig memorabele filmversie van ‘Chicago' op ons losliet, maakt de cirkel rond door ‘Nine' terug te brengen naar het medium waaruit hij ontstond. En dat had hij beter niet gedaan. Het idee om ‘8 ½' te transformeren tot een musical klinkt sowieso al lichtjes smakeloos, maar het eindproduct is zó aanstootgevend slecht dat Marshall net zo goed op Fellini's graf had kunnen gaan pissen. Daniel Day-Lewis speelt Guido Contini, een gevierde regisseur die zonder inspiratie is gevallen. Zijn laatste twee films waren flops, en nauwelijks een week voordat hij moet beginnen draaien aan wat zijn come-back hoort te worden, heeft hij nog geen letter op papier gekregen. Zijn gedachten dwalen steeds af naar de vrouwen in zijn leven: zijn vrouw (Marion Cotillard), zijn sexy maîtresse (Penelope Cruz), zijn muze (Nicole Kidman), zijn vaste kostuumontwerpster en vertrouwelinge (Judi Dench), een prostituee die voor hem danste toen hij nog een kind was (Fergie), een reportster voor Vogue (Kate Hudson) en natuurlijk ook zijn overleden moeder (Sophia Loren). Contini loopt steeds verder verloren in dit kluwen aan relaties en terwijl de eerste draaidag nadert, lijkt zijn artistieke block alleen maar erger te worden. Dat concept komt natuurlijk regelrecht uit ‘8 ½', maar waar je in de originele film een surrealistische toegangspoort kreeg tot de psyche van een man die geen vat krijgt op zijn eigen leven, blijft ‘Nine' één en al oppervlakte, één en al show zonder de minste diepgang. Guido krijgt het eerste liedje te zingen, waarin hij ons laat weten: I would like to be here, I would like to be there, I would like to be everywhere at once. I know that's a contradiction in terms, and it's a problem, especially when my body's clearing forty as my mind is nearing ten. Daarna gaat de film nog een kleine twee uur door, maar eigenlijk komen we nooit meer over hem te weten dan wat hij ons daar vertelt: hij is een groot kind en weet niet wat hij wil. De rest is enkel show, illustratie. Alle vrouwen uit zijn leven krijgen vervolgens keurig één liedje per stuk, allicht om Guido's beginselverklaring als twijfelende vrouwenzot kracht bij te zetten. Soms werken die liedjes: Marion Cotillard zorgt voor het enige moment van oprechte emotie in de hele film met het nummer My husband makes movies, waarin ze haar frustratie uitzingt over haar rokkenjagende man. Daar horen we, al was het maar heel even, een personage iets zeggen dat geloofwaardig is en relevant voor de film. In andere liedjes is dat niet het geval: Judi Dench mag een lang uitgerekte ode brengen aan de Follies Bergèrrrrrrres (met een Franse "r" die klinkt alsof ze een volledig pakje Gauloises uit haar longen aan het rochelen is) en Kate Hudson mag haar liefde bezingen voor de cinema Italiano. Mooi voor hen, maar heeft dat ook maar iéts met de film te maken? In plaats van de plot of de thema's vooruit te helpen, leggen de muzikale nummers gewoon de hele boel stil. Bijgevolg is het ook niet echt handig dat die liedjes op zich niet erg memorabel zijn. Fergie krijgt een show-stopper met Be Italian - een nummer dat ook weer bitter weinig bijdraagt aan de prent, maar dat op z'n minst blijft plakken. My husband makes movies is ook oké, vooral omdat het effectief relevant is, en voor de rest... Tja, voor de rest krijgen we veel snel te vergeten deuntjes, gezongen door een cast die werd gekozen voor hun Oscar-stamboom, en duidelijk niet voor hun zangtalent. Er zit niemand tussen de hoofdrolspelers die nog geen Oscar heeft gewonnen of er op z'n minst voor genomineerd was, maar zingen... Dat staat nog te bekijken. Daniel Day-Lewis bluft zich een weg door zijn nummer door half te spreken en half te zingen (ik geloof dat er welgeteld twee noten in zaten die enig stembereik vereisten), Penelope Cruz kronkelt over de vloer in corset en jarretellen, maar toont niet echt veel vocale capaciteiten, Nicole Kidman strompelt als een wandelend standbeeld door de hele film (had ze een hernia?) en Kate Hudson zit opgescheept met het slechtste nummer (Cinema Italiano), dat ze dan maar kweelt in de stijl van ons aller Natalia: zo luid mogelijk zingen en dan is al de rest bijzaak. Zijn wel goed op dreef: Marion Cotillard en Fergie, twee madammen met een degelijke stem en, niet toevallig, ook de beste liedjes. Rob Marshall gebruikt hier opnieuw dezelfde structuur als in ‘Chicago': de musicalnummers spelen zich af in de fantasie van het hoofdpersonage, los van de eigenlijke actie, en worden geënsceneerd op een podium, voorzien van theatrale spotlights en choreografieën met stoelen en andere rekwisieten. In ‘Chicago' werkte dat, omdat het Roxies ambitie was om in een revuetheater op te treden. Logisch dan dat haar fantasieën zich daar afspeelden. Waarom Guido Contini, een filmmaker, zich mentaal zou terugtrekken in een music hall, is mij echter een raadsel. Bovendien is Marshall niet bijster vindingrijk in zijn beeldvoering tijdens deze scènes: hij zet zijn camera op een dolly voor het podium en hij rijdt van links naar rechts. En van rechts naar links. En weer terug. Dat is het. Men montere deze beelden zo snel mogelijk door elkaar, men voege er enkele close-ups aan toe, en zo heeft men dus een musical. Willekeurig overschakelen tussen kleur en zwart-wit is blijkbaar ook altijd meegenomen. ‘Nine' is een aanfluiting van alles waar ‘8 ½' voor stond. Het is een musical met hooguit twee degelijke nummers, een thematiek waar niets mee word aangevangen en een cast die, op enkele uitzonderingen na, in feite niet geschikt is voor het genre. En zeggen dat de makers dit bedoeld hadden als Oscar bait.
Door Dennis Van Dessel 03/03/2010 - categorie : movie - 
verstuur dit artikel aan een vriend    Share on Facebook
 Lees de reacties (1) van anderen of geef uw mening
|