
Regie en scenario: Florian Gallenberger Met: Ulrich Tukur, Steve Buscemi, Daniel Brühl, Anne Consigny e.a. 135 min. / D / 2009 Wanneer aan het einde van dit jaar de onvermijdelijke filmoverzichten worden geschreven van het eerste decennium van de 21ste eeuw, zijn er een aantal trends die sowieso niet zullen mogen ontbreken. We zullen de hypes rond het fantasygenre onder handen moeten nemen (‘Lord of the Rings', Harry ‘Potter'), de opkomst van de torture porn (‘Saw', ‘Hostel') en ook de verrassende terugkeer van de Duitse film, waarvan er heel wat de Tweede Wereldoorlog als onderwerp namen. ‘Der Untergang', ‘Sophie Scholl', ‘Die Fälscher' - quasi elk jaar kwam er wel een Duits drama uit waar mensen ook effectief naar gingen kijken en van konden genieten. In 2009 kregen we al het modernere ‘Der Baader-Meinhoff Komplex' en nu solliciteert ‘John Rabe' openlijk naar de post van WO II-epos du jour. Hoewel regisseur Florian Gallenberger een andere focus kiest dan zijn voorgangers. We schrijven 1937. John Rabe (Ulrich Tukur) is de baas van een elektriciteitscentrale van Siemens in Nanking, China. Hij is een lid van de nazipartij, en weet achteloos racisme en paternalisme tegenover de Chinezen te combineren met een diep gewortelde menselijkheid. "Het duurt eeuwen om een Chinees iets te leren," merkt hij op aan het begin van de film, "maar ze zijn allemaal erg gewillig en hondstrouw". Geen sympathieke praat, maar wanneer de Japanners Nanking binnenvallen, is hij wel de eerste om zijn arbeiders toevlucht te bieden in zijn fabriek - hij laat hen schuilen onder een gigantische nazivlag, opdat de vliegtuigen van de Jappen hen zouden herkennen als bondgenoten. Samen met een internationaal gezelschap, waaronder een Duitse diplomaat (Daniel Brühl), een Amerikaanse dokter (Steve Buscemi) en een Franse schooldirectrice (Anne Consigny), zet hij in de stad een veilige zone op, waar de burgers van Nanking zich kunnen verschuilen voor het oorlogsgeweld. De Japanse soldaten verklaren zich officieel akkoord om de zone met rust te laten, maar maken zich regelmatig schuldig aan mishandelingen, moorden en verkrachtingen. Niettemin weten meer dan 200.000 Chinezen de beruchte "rape of Nanking" te overleven, dankzij de inspanningen van Rabe en co. De titel ‘Schindler's List' wordt regelmatig genoemd in besprekingen van ‘John Rabe', omdat we opnieuw het verhaal krijgen van een Duitse industrieel die zijn goed hart laat spreken en zich ontpopt tot reddende engel. Rabe en Schindler waren trouwens een gelijkaardig lot beschoren: eind jaren dertig ging Rabe terug naar Duitsland, waar hij monddood werd gemaakt door het naziregime. Japan was immers een bondgenoot en verhalen over hun misdaden mochten het daglicht niet zien. Na WO II leefde hij nog een aantal jaar in anonimiteit, tot hij stierf in 1950. Tot daar de gelijkenissen - de setting en plotontwikkeling van ‘John Rabe' liggen zo ver verwijderd van Spielbergs klassieker dat alle herinneringen er aan na een tijdje vanzelf uit je hoofd verdwijnen. De ambities van Florian Gallenberger liggen blijkbaar iets eenvoudiger: hij heeft een klassiek opgebouwd historisch epos willen maken, met veel massascènes, veel laag overvliegende vliegtuigen en veel ontploffingen die iedereen raken behalve de hoofdpersonages. De melodramatiek is daarbij nooit veraf - het laatste schip dat uit Nanking vertrekt voordat de Japanners er zijn, wordt gebombardeerd nog voor het goed en wel uit de haven is vertrokken; in een andere scène komen we te weten dat sommige Japanse militairen er een sport van maakten zoveel mogelijk Chinese soldaten te onthoofden (ze poseren glimlachend voor een foto met de lichaamloze koppen). We krijgen zelfs een heldhaftig schoolmeisje dat ternauwernood aan een verkrachting kan ontsnappen en het halve Japanse bezettingsleger achter zich aan krijgt. Yup, Gallenberger houdt van dramatische effecten, hij drukt graag op de emotionele knoppen van zijn publiek. Maar het punt is dat hij dat over het algemeen wel goed doet. ‘John Rabe' flirt soms met de meligheid en dikwijls met het cliché (de "he's a jolly good fellow"-scène had écht niet gehoeven, evenmin als een moment waarop Rabe en de Amerikaanse dokter broederlijk samen zat worden), maar blijft meestal net aan de veilige zijde daarvan. Gallenberger maakt zelfs een goede keuze door zijn focus niet uitsluitend te beperken tot John Rabe - zeker in de tweede helft van de film maakt hij vaak zijsprongen naar de andere personages, inclusief een suspensesequens van zo'n twintig minuten rond het net-niet-verkrachte schoolmeisje. Door dat te doen, vermijdt de regisseur de courante fout van dit soort films om een reeks historische gebeurtenissen te banaliseren tot het leerproces van één personage. ‘John Rabe' gaat, ondanks z'n titel, niet alleen over John Rabe, maar ook over de anderen die aan het hoofd stonden van de veilige zone, en vooral ook over de mensen van Nanking. Die variatie in de verhaallijn draagt er ook toe bij dat het tempo opvallend goed zit - de 135 minuten lijken voor de verandering eens gerechtvaardigd, en we krijgen zelfs geen lang uitgesponnen epiloog op het einde. Geen wonder dan, dat de hele film ook visueel een klassiek vakmanschap uitstraalt: echt geïnspireerd kun je de aanpak niet noemen, daarvoor blijft het allemaal wat te braaf, maar Gallenberger weet hoe hij een actiescène in elkaar moet steken en let's face it: dit is sowieso geen verhaal dat echt baat zou hebben bij een hoop gezwier met de camera. Ulrich Tukur, die u nog kent uit ‘Das Leben der Anderen' en die dit jaar in maar liefst zes films zit (zou die man ooit nog thuis slapen?) draagt de film met een ingehouden vertolking die een mooi tegengewicht vormt voor de neiging tot melodrama van het scenario. Zelfs wanneer de film er een beetje over gaat, weet Tukur de situaties toch terug te trekken naar een realistisch niveau. De overige acteurs zijn van wisselend niveau: Steve Buscemi is degelijk als altijd in de rol van cynische dokter ("Ik heb daarstraks kindjes wiens halve gezicht was weggeblazen moeten opereren zonder verdoving, en dan zijn ze nog gestorven ook. Koekje?"), maar Daniel Brühl maakt een onverklaarbare uitschuiver als diplomaat Georg Rosen - normaal gezien is hij nochtans een uitstekend acteur, dus waar zijn geaffecteerde vertolking vandaan komt, is mij een raadsel. Anne Consigny heeft zichtbaar moeite met haar Engels, waardoor haar vertolking als directrice van een meisjesschool houterig en onwennig overkomt. Ik geloof niet dat iemand zich de illusie maakt dat ze met ‘John Rabe' het warm water opnieuw hebben uitgevonden. Dit is oerklassieke cinema, nergens vernieuwend of verrassend, maar met al dat wel degelijk gemaakt en meeslepend. Een film die ongetwijfeld nog talloze malen op zondagmiddag op tv vertoond zal worden - wat heel neerbuigend klinkt, maar de kans is groot dat je dan wel een leuke zondagmiddag zult beleven.
Door Dennis Van Dessel 08/10/2009 - categorie : movie - 
verstuur dit artikel aan een vriend    Share on Facebook
 Lees de reacties (1) van anderen of geef uw mening
|