 Regie: Chan-wook Park Scenario: Jae-Sun Lee, Mu-yeong Lee, Yong-jong Lee en Chan-wook Park Met: Ha-kyun Shin, Kang-go Song, Du-na Bae, Ji-Eun Lim, Bo-bae Han e.a. 121 min. / Zuid-Korea / 2002
Niets dat zo zoet smaakt als wraak. In de Griekse tragedies was het naast godenvervloeking de allerpopulairste hobby, Hamlet was er zo van geobsedeerd dat hij een beetje gaga werd en Graaf Edmond Dantes was de eerste die een master in vengeance met grootste onderscheiding behaalde. Onlangs toonde The Bride nog dat wraak best koel wordt geserveerd, maar aan de andere kant van de wereld werd bewezen dat het ook het toppunt van cinefiel genot kan zijn. Het bliksemschichttalent kwam in de vorm van een Koreaan met een ziek gevoel voor humor en een briljant oog voor gedetailleerde beeldvoering. De wierook werd pas boven gehaald toen het tweede deel van zijn explosieve wraaktrilogie onze contreien veroverde (u kent ‘m wel, dat pelliculewonder waarin een zekere oldboy een levende octopus naar binnen speelt), maar het oudere, minder flamboyante broertje, ‘Sympathy For Mr. Vengeance', gaf het startschot voor de honderd meter ‘wraak nemen voor gevorderden'. Thematisch een stuk complexer dan zijn succesvollere broer en als geheel ongetwijfeld de bitterste pil van de drieworp. Slechts één devies: op de tanden bijten, de ogen opentrekken en u compleet van uw gat laten blazen.
Voordat Lady Vengeance haar dodelijke oogschaduw aanbracht en voor het hamertje van Dae Su-Oh veel pijn veroorzaakte was er het afgebleekte gifgroene haar van de doofstomme Ryu (Ha-kyun Shin). Terwijl hij dubbele shifts draait in de fabriek, ligt zijn zus (Ji-Eun Lim) te kermen van de pijn omdat ze dringend een niertransplantatie nodig heeft. Een fucked up deal met de organenmaffia kost hem niet alleen een nier, maar ook al het geld voor een mogelijke transplantatie en Ryu (ondertussen ook werkloos) wordt steeds wanhopiger om zijn zus te redden. Samen met zijn anarchistische vriendinnetje (Du-na Bae) beraamt hij het plan om het dochtertje van zijn baas (Kang-go Song) te ontvoeren. Wat een eenvoudige kidnapping had moeten zijn, ontspoort volledig in een zintuigverpletterende spiraal van ironische lotspelingen, maagomkerende geweldprikken en hartverscheurende tragiek. Vergeet uw heroes, vergeet uw villains. Alles speelt zich af in de compromisloze arena van Chan-wook Park waar zo goed als niemand ongestraft zal uitkomen. Nadat zijn debuutfilm ‘Joint Security Area', een uitstekende politieke thriller trouwens, in Zuid-Korea uitgroeide tot een onverwachte blockbuster (vrij ironisch dat net zijn meest succesvolle film in het thuisland bij ons zo goed als onbekend is) kreeg Chan-wook Park volledig carte blanche voor z'n volgende project. Wat zullen de producers een smoel getrokken hebben toen hun moneymaker aanklopte met een gitzwart drama dat onverstoord inbeukte op alle mogelijke conventies van eender welk genre. ‘Mr. Vengeance' is een uppercut van een thriller die hardnekkig de meest absurde, de meest shockerende (hoewel toeristen die enkel geïnteresseerd zijn in gore van een kale reis zullen terugkeren) en de meest pessimistische invalshoeken aanwendt om een ontoegankelijke wraakfilm te serveren. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ‘Mr. Vengeance' me na de eerste visie nog geen klein beetje verbouwereerd achterliet. Ik had wel de indruk dat ik iets completely cha-cha had gezien, maar veel meer informatie wisten mijn synapsen op dat moment nog niet te verwerken. Het hypnotiserende gebruik van dromerige stiltes (zelden werd de handicap van een hoofdpersonage zo treffend doorgetrokken naar de narratieve- en stijlkenmerken van een film) en de doordachte stilering (de steeds terugkerende groene kleur, de op de millimeter afgemeten symmetrische shots) van de onvoorspelbare plotontwikkeling was zo'n overdonderende ervaring dat ik af en toe eens aan de linkeroorlel moest trekken om wat extra lucht naar de hersenen te krijgen. Bij de tweede visie kon ik terugvallen op mijn voorkennis om de subtiele details op te merken die ik de eerste keer compleet had gemist of gewoon nog niet kon vatten. Ik begon te gniffelen bij de absurde humormomentjes (Park ziet z'n wraaktrilogie als zwarte komedies) zoals de masturberende studenten, de wanhopige zelfverminking van een net ontslagen fabrieksarbeider en de dialogen die te pas en te onpas een serieuze what the fuck doen opborrelen. Mijn favoriete zinnetje en veelbetekenend voor de grimmige toon van ‘Mr. Vengeance' komt uit de mond van een dokter die met een emotieloze uitdrukking meedeelt dat, mocht hij een optimist zijn, hij zou zeggen dat er misschien wel hoop is. Ironisch, beschuitdroog en vintage Chan-wook Park. Ik kwam ook tot de vaststelling dat de tricky montage (Park creëert leemtes voor en na cruciale scènes die de kijker door middel van deductie zelf maar moet aanvullen) eigenlijk borderline briljant is. De eerste keer werkte dat sporadisch desoriënterend en ging het lampje boven m'n kop soms pas twee scènes later oplichten, maar de tweede keer is dat verteerbaarder omdat je kan anticiperen op die ontbrekende puzzelstukjes. Dat Chan-Wook Park en passant ook nog een sociaal-economische commentaar genuanceerd invoegt en zijn unieke locaties (die surrealistische rivierbedding!) efficiënt benut om de gepaste mood te evoceren maakt van ‘Mr. Vengeance' een nog vollere kijkervaring. Vanaf de derde wraakbeurt zat meneer Vengeance niet alleen onder m'n huid, maar had hij ook al een plekje uitgekozen in m'n binnenste, niet ver van dat kloppende stukje vleesmassa. Park had me beet met zijn bizar gevoel voor humor, zijn wrange morele ambiguïteit, zijn existentieel-filosofische thematiek en zijn meesterlijke mise-en-scène. Elke rilling die ik vanaf dan langs mijn lijf voelde tintelen, is toe te schrijven aan het Park-effect. ‘Mr. Vengeance' is dus in geen geval een makkelijke film. Het eist een geduldige aandacht en zuigt elke optimistische vezel uit je lijf, maar de beloning aan het einde van de donkere tunnel is het meer dan waard. En kijk, ik moet even aan de rechteroorlel trekken om terug op adem komen. Tot slot nog iets over het kader van de film. Structureel valt ‘Mr. Vengeance' uiteen in twee grote delen. Eerst krijgen we het verhaal van de doofstomme antiheld Ryu (een introverte Jae-Sun Lee die geen woorden nodig heeft om te laten zien wat hij kan) en zijn ongelukkige acties die aanleiding geven tot de wraakspiraal. Daarna volgt de bittere uitholling van zijn tegenpool, selfmade-wrak Park (gespeeld door de Koreaanse superster Kang-go Song, wiens tronie u onder andere ook in ‘Memories of Murder' kon bewonderen). Song speelt op sublieme wijze een gebroken man zonder ook maar één keer in de sentimentele huilbui-val te trappen. De heren kanaliseren op complexe wijze de ultieme essentie van wraak: de gedachte dat wraak de fysieke moord van een ander is, terwijl je moreel zelfmoord pleegt. Ze worden erdoor gedreven, verliezen hun menselijkheid en weten dat ze enkel maar zielsrust krijgen als ze elkaar kapot maken. In de aderbeklemmende minimalistische anti-apotheose straalt ‘Mr. Vengeance' een ongeziene sereniteit uit die de hellevaartcirkel op de meest waardige manier afsluit. Wie uiteindelijk de meeste sympathie verdient is een te moeilijke en wellicht ook irrelevante vraag. Maar iemand die zoveel schoonheid en poëzie uit zoveel haat en agressie weet te puren, die verdient niet alleen sympathie maar ook onvoorwaardelijk respect. Fuck de happy endings en lang leve de tragiek van la condition humaine. Meneer Chan-wook Park, I salute you...
Door Peter De Backer 17/01/2007 - categorie : movie - 
verstuur dit artikel aan een vriend    Share on Facebook
 Lees de reacties (1) van anderen of geef uw mening
|